06 20 37 84 36

absports@live.nl

Neem nu contact met ons op!

Via dit formulier kunt u contact met ons opnemen. We nemen zsm. contact met u op! 

Terug naar Algemeen nieuws

Cholesterol Deel1 (Veel uitspraken over cholesterol zijn onjuist)

Gepubliceerd op:

Dit artikel richt zich tegen de meest omvangrijke misleidingscampagne op medisch gebied die de wereld ooit heeft gekend. 

Zij bestaat uit een stortvloed van door de levensmiddelen en farmaceutische industrie gestuurde onjuiste beweringen over cholesterol. Op basis van wetenschappelijke feiten wil dit artikel daartegen ageren. Hiertoe bevat dit artikel een samenvatting van de onderzoeksresultaten van meer dan 6000 onderzoeken, uit gevoerd door een aantal internationaal gereputeerde Europese en Amerikaanse cholesterolonderzoekers. Door de hier genoemde industrieën worden twijfelachtige personen van medische faculteiten en pseudomedische instellingen betaald om hun commerciële doel te verwezenlijken, namelijk demonisering van cholesterol door middel van amateuristische en vaak volstrekt onzinnige verklaringen, die uiteraard de reclameleuzen van hun sponsors dienen.

Noodlottig zijn vooral de door deze industrieën wereldwijd gemanipuleerde statistieken, die blijkbaar door de meerderheid van geneeskundige en diëtisten voor zoete koek worden geslikt. Daar komt bij dat deze onjuiste beweringen over cholesterolgehaltes in het bloed (de cholesterolspiegel) deze artsen in de gelegenheid stellen om iedere patiënt in feite tot een levenslange patiënt te maken. Dit alles onder het motto ‘De dokter waakt over je’ zodat zij vooral ook hun declaraties bij de ziekenfondsen kunnen indienen. Voor deze propagandistische, zuiver commercieel gerichte demonisering van cholesterol betalen margarine producten en vooral ook de farmaceutische industrie, die cholesterolverlagende middelen aan de man brengt – de statistici 50 to 75 miljoen euro per statistiek. Dergelijke bedragen geven zij graag uit om in statistieken alle negatieve resultaten van cholesterolverlaging te verdonkeremanen en het accent te leggen op de vermeende invloed van cholesterol op de kans op een hartinfarct, hoewel die invloed door geen enkele statistiek wordt aangetoond. Er wordt geprobeerd de medische wereld te overbluffen door middel van het grote aantal onderzoekers dat aan deze demoniseringscampagne meewerkt.
Er wordt vooral ook geschermd met grote aantallen proefpersonen: Voor de Framingham Study 5450 proefpersonen, voor de Simvastatin Study (4-S) (beter bekend als de 4-s Study) 4444 proefpersonen, en voor een multifactorieel Fins onderzoek 2000 proefpersonen. Een Amerikaans onderzoeksinstituut, het National Heart, Lung and Blood Institute, spreekt zelfs van maar liefst 650.000 proefpersonen die deze instelling over controletermijnen, variërend van 10 tot maar liefst 50 jaar, regelmatig zou hebben ‘gecontroleerd’ en geobserveerd.

Dergelijke ‘statistieken’ die ook ‘onderzoeken’ worden genoemd zijn door kritische wetenschapsbeoefenaren aan nauwlettende analyses onderworpen. En aangezien deze ‘statistieken’ volstrekt in strijd met de feiten, steeds opnieuw door artsen en tijdschriften buiten de wetenschap zelf als ‘bewijzen’ worden aangevoerd namelijk voor de bewering dat cholesterol de oorzakelijke factor achter de hartinfarct zou zijn moeten de belangrijkste statistieken en hun bewijskracht hier kort worden besproken.

  1. In het kader van de roemruchte Simvastatin Study (4-S) werden 4444 personen onderzocht. Het resultaat: ‘Een verhoogde cholesterolspiegel heeft géén invloed op het ontwikkeling van arteriosclerose (‘aderverkalking’) of het hartinfarct. Verlaging van cholesterolspiegel is zinloos en daarom niet geïndiceerd.

  2. Uit de Finse Multifactorial Study, waarbij de cholesterolspiegel van meer dan 2000 personen werd gemeten, werd onder proefpersonen die met cholesterolverlagende middelen waren behandeld een drie keer zo hoge incidentie van het hartinfarct vastgesteld, alsmede eenderde meer sterfgevallen dan in de onbehandelde groep.

  3. Bij de Helsinki Heart Study I (1987; 700 proefpersonen) bleek de toename van de dodelijke bijwerkingen van cholesterolverlagende middelen 40 procent te zijn, in vergelijking met de controlegroep; vijf jaar later leverde Helsinki II (1993) zelfs een nog hoger percentage op, namelijk 50 procent. Significant was ook een toename van de mortaliteit met kanker als oorzaak, onder invloed van cholesterolverlagende middelen, volgens Helsinki II 43 procent.

  4. Door middel van de Framingham Study (4500 proefpersonen) werd geprobeerd een bewijs voor het nut van cholesterolverlagende middelen te leveren, maar dit streven leverde geen succes op. Wel bleek bij behandeling met cholesterolverlagende middelen een aanzienlijke toename van het aantal sterfgevallen als gevolg van kanker. Prof. P. Skarabanek kenschetste de bemoeienissen van de farmaceutische industrie, die dit onderzoek heeft bekostigd, als volgt: ‘In de geneeskunde is nauwelijks iets zo grondig bewezen als het gebrek aan succes van deze interventies (statistieken), bedoeld om cholesterol verantwoordelijk te stellen voor de ontwikkeling aan een coronaire hartaandoening. Hij voegt hieraan toe: ‘De farmaceutische industrie heeft deze statistieken net zolang gemanipuleerd totdat ze uiteindelijk overeenkwamen met haar wensen; per slot van rekening hebben ze 50-70 miljoen dollar gekost, en mochten ze voor de betalende industrie niet nutteloos blijven.

  5. De Clofibrat Study onderzocht de uitwerking van cholesterolverlagende medicamenten van die naam bij 1000 proefpersonen. Een schrikbarende stijging van het aantal sterfgevallen door kanker leidde tot een verbod op voortzetting van dit onderzoek. Het Amerikaanse National heart, Lung and Blood Institute deed onderzoek naar de werkzaamheid van cholesterol bij 650.000 proefpersonen, een onderzoek dat decennia heeft geduurd. Er werden geen aanwijzingen gevonden voor invloed van cholesterol op het ontwikkeling van arteriosclerose of een hartinfarct. Wat bleek echter wel?
    Hoe hoger de cholesterolspiegel is (het gemiddelde is 220mg/dl, hetgeen in Nederland overeenkomt met een waarde 5,60 mmol/l), des te lager de incidentie van kanker; en ook des te geringer het aantal sterfgevallen als gevolg van andere aandoeningen.

Deze vijf essentiële voorbeelden van statistische onderzoek naar het nut van cholesterolverlagende middelen wezen eensluidend uit:

  1. Cholesterol heeft geen invloed op het ontwikkeling van arteriosclerose of een hartinfarct.

  2. Er bestaat een duidelijk verband tussen hoge cholesterolwaarden en een hogere levensduurverwachting en een geringere kankerincidentie.

  3. Er bestaat een duidelijk verband tussen verlaging van de cholesterolspiegel en significant meer sterfgevallen en een significant grotere kankerincidentie. Geen van de statistieken waarop de farmaceutische industrie zich beroept, is aan de hand van zuiver wetenschappelijke criteria tot stand gekomen. Controles van de cholesterolspiegel behoren hand in hand te gaan met het onderzoek naar de erdoor gevormde stoffen – zoals steroïden – en de als gevolg daarvan optredende veranderingen in de eiwitten-, mineralen- en vitaminehuishouding. Toch werd niet één van deze onderzoeken ter hand genomen. Zelfs van toereikende controle van de cholesterolwaarde zelf was geen sprake. Het staat alleen vast dat iedere verlaging van de cholesterolspiegel niet alleen nutteloos is, maar zelfs gevaarlijk voor de gezondheid en vaak ook dodelijk.
    In weerwil van deze glasheldere resultaten en de daaruit resulterende ernstige waarschuwingen tegen iedere cholesteroldaling lijkt een groot deel van de medische gemeenschap daar niet van onder de indruk.

Het schandaal rond Lipobay raakte ook al snel in het vergeetboek. We hadden ervan mogen uitgaan dat de sterfgevallen die door de medicament Lipobay van Bayer zijn veroorzaakt het publiek wel wakker zouden schudden? De verontrusting erover was helaas echter slechts van korte duur, want de ‘cholesterolmaffia’ namelijk de desbetreffende industrie – slaagde er binnen de kortste keren in de openbare discussie hierover tot zwijgen te brengen.
We kunnen ons afvragen: ‘tot hoeveel schrikbarende toestanden moet de campagne tot verlaging van de cholesterolspiegel nog leiden, voordat de misleidende propaganda het zwijgen word opgelegd?’ Zolang de media de bevolking blijven misleiden met hun kolderieke, volstrekt ondeskundige beeld van de betekenis van cholesterol, of zolang ‘speudowetenschappelijke kletstantes’ op de televisie hierover nog het hoogste woord voeren, zal deze volksverlakkerij triomfen blijven vieren.

 

 

 

 

Datum 11-10-2012
Bron:Prof. Dr Walter Hartenbach

De toename van astma, hooikoorts en allergie├źn bij kinderen

De toename van astma, hooikoorts en allergieën bij kinderen
Eén op vijf jonge kinderen lijden aan een of andere vorm van allergie.